Het ene wijze, dat geheel alleen staat, wil en wil niet met
de naam van Zeus worden genoemd.
Alles ontstaat door de wisselwerking van tegenstellingen ofwel
in de 'eenheid van tegendelen'. Vanuit die visie plaatsten de Griek
Herakleitos en de Chinees Lao Zi de scheppende kracht van alles
wat bestaat, in en niet boven de verschijnselen. Lao
Zi noemde die kracht Tao, Herakleitos gebruikte daarvoor het woord
Logos, maar ze bedoelden er hetzelfde mee. Frappant is de overeenkomst
in beeld en overige terminologie waarmee beide filosofen dat alles
bindende principe verder proberen te omschrijven. Herakleitos hanteert
daarbij met tegenzin het woord Zeus of God, waarmee hij duidelijk
niet de bliksemende geweldenaar van de Olympus op het oog heeft.
Ook Lao Zi spreekt van 'iets dat alleen staat', wat hij dan maar
Tao noemt, omdat hij er ook geen betere naam voor kan bedenken.
Alleen en onveranderlijk staat het in de stilte en de leegte,
alom aanwezig en immer in beweging.
Wellicht is het de moeder van het alles-ons-omringende.
De naam ervan ken ik niet.
Ik noem het Tao.